Energiefactuur

Vlaams regeerakkoord zal onze elektriciteitsfactuur niet snel doen dalen

In onze elektriciteitsfactuur zitten allerlei kosten die niets met ons eigenlijke elektriciteitsverbruik te maken hebben. “Als we die kosten eruit halen, kan de factuur met 30 procent dalen”, klonk het voor de verkiezingen. In het Vlaamse regeerakkoord is daar amper nog iets van te bekennen.

Alle experts en ook veel politici zeggen het al jaren: onze elektriciteitsfactuur is een verkapte belastingbrief. Er staan allerlei kosten in die niets met ons elektriciteitsverbruik als zodanig te maken hebben. Het gaat dan om heffingen voor straatverlichting, renovatiepremies, budgetmeters, laadpalen, sociale tarieven en vooral, steun voor zonnepanelen en andere groenestroomtechnologieën.

Anderhalf miljard euro

Dat al die kosten aardig aantikken, is iets wat de VREG, de Vlaamse energieregulator, onlangs nog eens aankaartte. De regulator berekende dat er elk jaar ruim anderhalf miljard euro aan heffingen, zogenaamde openbare dienstverplichtingen, verrekend worden via de elektriciteitsfactuur. Omgerekend 300 euro per jaar per gezin (als je de btw meerekent). De Vreg zelf, net zoals de elektriciteitsleveranciers trouwens, pleit er al langer voor om die maatschappelijke kosten op een andere manier te verrekenen. Versta: uit de factuur weg te halen.

Voor de verkiezingen stonden ook verschillende politieke partijen op dat standpunt, ook meerderheidspartijen N-VA en Open VLD. Vlaams minister van Energie Lydia Peeters (Open VLD) zei het in volle kiescampagne (op 17 mei) als volgt in “Kies 19” op Radio 1: “Ik heb dat recent nog op een debat gezegd en alle partijen waren het erover eens: we zouden die kosten uit de factuur moeten halen en het gewoon met algemene middelen financieren. Dan kan die elektriciteitsfactuur met 30 procent dalen.”

Tien miljoen euro

Helaas, in het regeerakkoord staat het anders. Daar staat wel dat de regering “zal waken over de betaalbaarheid van de energiefactuur voor gezinnen”. Maar de enige concrete maatregel die wordt aangekondigd is dat het onderhoud van de openbare verlichting, de straatverlichting dus, niet langer via de elektriciteitsfactuur van de consument wordt verrekend. Dat gaat om nog geen tien miljoen euro per jaar, op een totaal kostenpakket van ruim anderhalf miljard euro.

De kostenpost die wegvalt uit de factuur is dus eigenlijk verwaarloosbaar. Ze komt neer op nog geen half procent,  minder dan 2 euro per jaar voor een gemiddeld gezin. De verklaring is niet ver te zoeken. Als de overheid er echt voor zou kiezen al die heffingen uit de factuur te lichten, zou het geld uit de “algemene middelen” moeten komen. Versta: uit de begroting. En die begroting is al problematisch. Dus geen enkele politicus zal ervoor kiezen die nog eens te verzwaren met anderhalf miljard euro.

Fossiele brandstoffen

Als mensen uit de energiesector ervoor pleiten allerlei heffingen uit de elektriciteitsfactuur weg te halen, dan heeft dat nog een andere reden. Het gaat ook om het stimuleren van de energietransitie.  Nu worden alle kosten van die transitie (bv de groenestroomcertificaten) verrekend via de elektriciteitsfactuur.  Maar de factuur voor gas of stookolie, fossiele energiebronnen die veel vervuilender zijn, blijft buiten schot.

“Dit is de wereld op zijn kop”, zegt Bram Claeys van ODE, de Organisatie Duurzame Energie. “Wie kiest voor een groene warmtebron zoals een warmtepomp, die krijgt een extra hoge elektriciteitsfactuur door al die heffingen. Wie kiest voor fossiele brandstoffen betaalt minder. Het is heel belangrijk de lasten voortaan beter te verdelen tussen elektriciteit en fossiele energiebronnen.” Helaas, ook dat staat niet in het regeerakkoord. “Een gemiste kans”, klinkt het bij ODE.

Bron: VRTnws, 7 oktober 2019

Meer van dit soort nieuws ontvangen?

Schrijf u gratis in op onze nieuwsbrief

Share this post

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *